Schildklier aandoeningen

Te snel werkende schildklier

Een andere veel voorkomende schildklieraandoening is een te snel werkende schildklier (hyperthyreoïdie) waarbij te veel schilklierhormoon gemaakt wordt.

Te veel schildklierhormoon kan leiden tot klachten zoals vermoeidheid, hartkloppingen, gejaagdheid/nervositeit, overmatig transpireren, vermagering, diarree, menstruatiestoornissen.

Oorzaken van te snel werkende schildklier kunnen zijn: de ziekte van Graves, ontsteking aan schildklier (ook wel thyreoïditis genoemd), toxisch multinodulair struma of een goedaardig gezwel (toxisch adenoom) in de schildklier. Daarnaast kunnen sommige medicijnen (amiodarone) of (contrast)middelen met veel jodium voor een te snel werkende schildklier zorgen.

De ziekte van Graves is een auto-immuun ziekte. Dat wil zeggen een aandoening waarbij ons eigen afweersysteem antilichamen maakt tegen de schildklier. Naast de klachten van te snel werkende schildklier, kan bij ongeveer 10% van de mensen ook een ontsteking ontstaan van de ogen. Dit geeft klachten aan de ogen zoals een zanderig gevoel, tranen, zwelling van de oogleden, uitpuilen van de ogen, roodheid, pijn of dubbelzien. We weten dat patiënten die roken een verhoogd risico lopen op deze oogklachten.

De behandeling van de ziekte van Graves bestaat uit tabletten die de aanmaak van schildklierhormoon remmen (strumazol). Zodra in het bloed blijkt dat dit gelukt is, worden er tabletten met schildklierhormoon gestart, waarbij de strumazol wordt gecontinueerd (block-and-replace therapy). Strumazol kent zeldzame maar ernstige bijwerkingen, zie hiervoor de patiëntenfolder ‘Medicijnen bij te snel werkende schildklier.

Inname van tabletten met schildklierhormoon: het is belangrijk dat u de tabletten met schildklierhormoon op de nuchtere maag met water inneemt. Schildklierhormoon wordt namelijk niet opgenomen in het bijzijn van voeding en andere medicijnen, bijvoorbeeld calcium en ijzer. Over het algemeen kan er na een half uur gegeten worden.

De behandeling met strumazol en schildklierhormoon wordt in principe gedurende 1 jaar gegeven. Alleen bij Graves gerelateerde oogklachten wordt de medicatie langer gecontinueerd. Na het stoppen van de medicijnen komt bij ongeveer 50% van de mensen de ziekte van Graves terug. Als de ziekte terug komt, wordt over het algemeen geadviseerd tot een behandeling met radioactief jodium voor een meer definitieve oplossing, zie ook de patiëntenfolder ‘Schildkliertherapie met jodium’. Meestal is één behandeling met radioactief jodium voldoende. Soms is nog een tweede behandeling nodig. Na behandeling met radioactief jodium kan bij ongeveer 50% van de mensen een traag werkende schildklier ontstaan. Er zal dan behandeling middels schildklierhormoon tabletten plaatsvinden.

In sommige situaties wordt besloten tot een operatieve behandeling, zie hiervoor de patiëntenfolder ‘Schildklieroperatie’. Nadien zal altijd (levenslange) behandeling met schildklierhormoon tabletten plaatsvinden.